ECLI:NL:CRVB:2014:1706
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- F. Hoogendijk
- G.M.G. Hink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek kwijtschelding restantvordering bijstand wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellanten hadden een bijstandsuitkering ontvangen die later werd ingetrokken en waarvan de kosten werden teruggevorderd. Na een eerdere afwijzing van hun verzoek om kwijtschelding van het restant van de vordering, werd ook in hoger beroep dit verzoek afgewezen. De Raad overwoog dat de beleidsregel van het college, die een afkoopregeling met korting biedt, correct is toegepast en dat factoren zoals leeftijd, schuldhoogte en lange aflossingsduur reeds in de beleidsregel zijn verwerkt.
Appellanten voerden aan dat de afwijzing hun plannen om een nieuw bedrijf te starten zou frustreren, maar de Raad vond dit onvoldoende om af te wijken van de beleidsregel. Tevens werd opgemerkt dat het college bij toekomstige kredietverlening niet direct tot executie van de restvordering zal overgaan, maar eerder een terugbetalingsregeling zal treffen.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep ongegrond is en bevestigde het vonnis van de rechtbank Limburg. Er werd geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen.
Uitkomst: Het verzoek om kwijtschelding van het restant van de vordering wordt afgewezen wegens het ontbreken van bijzondere omstandigheden.