ECLI:NL:CRVB:2014:1815
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- Y.J. Klik
- C.H. Rombouts
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens vervallen belang bij terugvordering bijzondere bijstand
Appellant ontving bijzondere bijstand in de vorm van geldleningen voor woninginrichting en babyuitzet, die via inhoudingen op de bijstand werden afgelost. Na diverse besluiten en terugvorderingen ontstond een geschil over de rechtmatigheid van de aflossingen en de verrekening van teveel ingehouden bedragen.
Het dagelijks bestuur verklaarde het bezwaar tegen het besluit van 23 maart 2011 niet-ontvankelijk omdat de volledige vordering inmiddels was voldaan en het belang van appellant daardoor was komen te vervallen. De rechtbank bevestigde dit oordeel en wees het beroep van appellanten af.
In hoger beroep voerden appellanten aan dat het dagelijks bestuur onrechtmatig had gehandeld door een hogere aflossing dan toegestaan in te houden en dat de terugvordering onterecht was. De Raad oordeelde dat het bezwaar tegen het besluit van 23 maart 2011 geen belang meer had omdat de schuld was afgelost en eerdere besluiten onherroepelijk waren geworden.
Het hoger beroep werd verworpen en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. De Raad bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek tot vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het bezwaar is niet-ontvankelijk verklaard wegens vervallen belang en het hoger beroep is afgewezen.