ECLI:NL:CRVB:2014:1957
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding verhuis- en inrichtingskosten wegens ontbreken medische noodzaak
Appellant, erkend als oorlogsgetroffene met PTSS, verzocht om een vergoeding voor verhuis- en inrichtingskosten vanwege vermeende ongeschiktheid van zijn woning door lichamelijke en psychische klachten.
Verweerder wees dit verzoek af wegens het ontbreken van medische noodzaak voor verhuizing. Medische adviezen bevestigden dat de psychische klachten waren verbeterd en dat appellant geen beperkingen had die een verhuizing noodzakelijk maakten.
Ook sociale factoren, zoals overlast van een buurvrouw, werden niet als voldoende ernstig beoordeeld om de vergoeding toe te kennen. De Raad concludeerde dat appellant niet voldeed aan de criteria voor vergoeding en verklaarde het beroep ongegrond.
Proceskosten werden niet toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de vergoeding verhuis- en inrichtingskosten wordt ongegrond verklaard.