ECLI:NL:CRVB:2014:1988
Centrale Raad van Beroep
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over niet in behandeling nemen bijstandsaanvraag wegens ontbrekende bankafschriften
Appellante diende op 6 februari 2012 een aanvraag in voor bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college verzocht haar om bankafschriften van de Rabobankrekening van haar zoon over een bepaalde periode, maar appellante kon deze niet aanleveren omdat de rekening was opgeheven en de afschriften niet bestonden.
Het college besloot daarop de aanvraag niet in behandeling te nemen wegens het niet aanleveren van de gevraagde stukken. Appellante maakte bezwaar en overhandigde een mutatieoverzicht waaruit bleek dat de rekening was opgeheven en geen saldo bevatte. Het college verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep stelde appellante dat zij niet over de gevraagde bankafschriften beschikte en deze ook niet kon verkrijgen. De Raad stelde vast dat het college ten onrechte om deze afschriften had gevraagd omdat ze niet bestonden. De Raad vernietigde het bestreden besluit en droeg het college op een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen waarbij de aanvraag inhoudelijk wordt behandeld.
Uitkomst: Het college wordt opgedragen een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen waarbij de aanvraag inhoudelijk wordt behandeld.