ECLI:NL:CRVB:2014:2006
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering kinderbijslag wegens niet voldoen onderhoudseis
Appellant, met de Egyptische en Nederlandse nationaliteit, ontving kinderbijslag voor zijn in Egypte geboren kinderen. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) herzag het recht op kinderbijslag en vorderde teveel betaalde bedragen terug, omdat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij zijn kinderen in belangrijke mate had onderhouden.
In bezwaar stelde appellant dat zijn kinderen pas vanaf medio 2000 in Egypte verbleven en dat hij sindsdien onderhoudsbetalingen had gedaan, ondersteund door overboekingsbewijzen. De Svb handhaafde de herziening vanaf het vierde kwartaal van 2000 vanwege onvoldoende bewijs van onderhoud.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, en in hoger beroep betoogde appellant dat de overboekingsbewijzen samen met een verklaring van de moeder aantonen dat hij aan de onderhoudseis voldeed. De Raad oordeelde echter dat de bewijsstukken onvoldoende waren, met ontbrekende of niet-verifieerbare ontvangstbewijzen en dat de schriftelijke verklaring van de moeder niet objectief was.
Daarom bevestigde de Centrale Raad van Beroep de eerdere uitspraak en de terugvordering van kinderbijslag over de periode van het vierde kwartaal 2000 tot en met het derde kwartaal 2010.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening en terugvordering van kinderbijslag wegens onvoldoende bewijs van onderhoud.