ECLI:NL:CRVB:2014:2057
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens ontbreken hoofdverblijf in gemeente
Appellante vroeg bijstand aan bij de gemeente [woonplaats], maar deze aanvraag werd afgewezen omdat zij niet feitelijk haar hoofdverblijf had in die gemeente. Uit onderzoek bleek dat zij zich weliswaar had ingeschreven op een adres in de gemeente, maar feitelijk elders verbleef, onder meer om politie te ontlopen vanwege openstaande boetes van haar voormalige partner.
De Raad beoordeelde de periode van 20 februari tot 23 maart 2012 en concludeerde dat appellante geen vaste woon- of verblijfplaats had in de gemeente [woonplaats]. Dit werd bevestigd door haar eigen verklaring en bankafschriften waaruit bleek dat zij in andere gemeenten pinten deed. Het enkele postadres was onvoldoende om van woonplaats te spreken.
De Raad oordeelde dat het college van burgemeester en wethouders van [woonplaats] terecht bevoegd was om de aanvraag te beoordelen, omdat appellante daar stond ingeschreven. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de afwijzing van de bijstandsaanvraag werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de bijstandsaanvraag wegens het ontbreken van het hoofdverblijf in de gemeente.