ECLI:NL:CRVB:2014:2348
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- M. Hillen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand ondanks ontbreken Suwinet-gegevens als bijlage
Appellant en zijn echtgenote ontvingen bijstand op grond van de WWB. Het college bracht sinds juli 2010 de inkomsten van de echtgenote in mindering op de bijstand en trok deze bijstand per 1 februari 2011 in. Later stelde het college op basis van Suwinet-gegevens vast dat de echtgenote vanaf september 2010 een inkomen had boven de bijstandsnorm, waarop het college de bijstand over die periode introk en de kosten terugvorderde.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het college verklaarde het bezwaar ongegrond. Wel verzuimde het college de Suwinet-gegevens als bijlage mee te zenden bij het besluit. De rechtbank oordeelde dat dit een vormverzuim was, maar dat dit met toepassing van artikel 6:22 Awb Pro kon worden gepasseerd omdat appellant niet benadeeld was.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad stelde vast dat het ontbreken van de Suwinet-gegevens een gebrek in de kenbaarheid van de motivering vormde, maar dat appellant op basis van loonspecificaties die hij ontving al op de hoogte was van de relevante feiten. Hierdoor was geen sprake van benadeling. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de bijstand ondanks het ontbreken van Suwinet-gegevens als bijlage bij het besluit.