ECLI:NL:CRVB:2014:2402
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant viel op 22 maart 2010 uit wegens psychische klachten en ontving een Ziektewetuitkering na beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst per 1 juli 2010. Op 11 augustus 2011 concludeerde een verzekeringsarts dat appellant per 15 augustus 2011 weer geschikt was voor arbeid, waarna het UWV de uitkering beëindigde.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit werd ongegrond verklaard op basis van een rapport van een bezwaarverzekeringsarts. De rechtbank Rotterdam oordeelde eveneens dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de conclusie van arbeidsgeschiktheid gerechtvaardigd was. Ook aanvullende medische informatie van appellant leidde niet tot een ander oordeel.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt dat hij niet in staat was te werken, gesteund op een psychiatrisch rapport. De Raad stelde echter vast dat deze informatie geen aanleiding gaf tot een ander oordeel, mede omdat het ging om informatie die niet relevant was voor de datum in geschil. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de Ziektewetuitkering terecht is beëindigd wegens arbeidsgeschiktheid per 15 augustus 2011.