ECLI:NL:CRVB:2014:2476
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens schending inlichtingen- en medewerkingsplicht
Appellante had een eerdere bijstand ingetrokken gekregen en vroeg opnieuw bijstand aan op 25 november 2011. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam weigerde de aanvraag omdat appellante weigerde medewerking te verlenen door geen antwoord te geven op vragen over haar woonsituatie en financiële transacties met een derde.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat zij alle gegevens had verstrekt en verwees naar haar advocaat voor nadere toelichting. De Raad oordeelde dat de relevante periode liep van 20 november 2011 tot 10 januari 2012 en dat appellante niet had aangetoond dat er een relevante wijziging in haar omstandigheden was sinds de intrekking van de bijstand.
De Raad benadrukte dat het college terecht mocht verlangen dat appellante volledige medewerking verleende en dat zij niet kon volstaan met een verwijzing naar haar advocaat. De latere toekenning van bijstand vanaf 23 februari 2012 betekent niet dat de eerdere afwijzing onterecht was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt afgewezen vanwege het niet naleven van de inlichtingen- en medewerkingsplicht.