ECLI:NL:CRVB:2014:2526
Centrale Raad van Beroep
- Eerste en enige aanleg
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek herziening Wubo-uitkering wegens ontbreken blijvende psychische invaliditeit
Appellante heeft in 2008 een aanvraag ingediend voor een uitkering op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo), welke werd afgewezen omdat niet was vastgesteld dat zij oorlogsgeweld had ondergaan. Na een herzieningsverzoek erkende verweerder dat appellante oorlogsgeweld had meegemaakt, maar stelde dat dit niet had geleid tot blijvende invaliditeit.
Appellante stelde in beroep dat haar psychische klachten wel degelijk blijvende invaliditeit veroorzaakten, onderbouwd met een psychiatrisch rapport. De Raad toetste dit aan het beleid waarbij blijvende psychische invaliditeit wordt vastgesteld aan de hand van beperkingen in minimaal twee van vier AMA-rubrieken: dagelijkse activiteiten, sociaal functioneren, concentratie en aanpassing aan stress.
Op basis van een geneeskundig advies concludeerde de Raad dat appellante slechts geringe tot matige beperkingen vertoont, onvoldoende voor blijvende invaliditeit. Het rapport van de psychiater hield geen rekening met de AMA-criteria en richtte zich vooral op mogelijke toekomstige verslechtering, wat niet relevant is voor de beoordeling op het moment van aanvraag.
De Raad verklaart het beroep ongegrond en wijst erop dat appellante een nieuwe aanvraag kan indienen bij verslechtering, waarbij dan opnieuw wordt beoordeeld of de klachten aan oorlogsgeweld zijn toe te schrijven.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van blijvende psychische invaliditeit in de zin van de Wubo.