Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- verklaart zich onbevoegd;
- bepaalt dat het door appellant in hoger beroep betaalde griffierecht van € 122,- aan hem
Centrale Raad van Beroep
Appellant stelde beroep in tegen het niet nemen van een besluit door het UWV. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat niet was voldaan aan artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat tegen de uitspraak van de rechtbank geen hoger beroep mogelijk is op grond van artikel 8:104, tweede lid, aanhef en onder a, van de Awb. Er is geen sprake van evidente schending van fundamentele rechtsbeginselen die een doorbreking van het appèlverbod rechtvaardigen.
De Raad verklaart zich daarom onbevoegd het hoger beroep te behandelen. Het betaalde griffierecht wordt terugbetaald aan appellant. De zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank voor verdere afhandeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd tot behandeling van het hoger beroep en betaalt het griffierecht terug.