ECLI:NL:CRVB:2014:261
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- E.J.M. Heijs
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bezwaar en ongegrond verklaring beroep wegens ontbreken besluit bestuursrechtelijke aard
Appellante, adjunct-directeur op een basisschool, heeft bezwaar gemaakt tegen het handelen van de stichting omtrent haar niet-benoeming tot directeur. Na een eerdere procedure bij de kantonrechter is vastgesteld dat de bestuursrechtelijke bezwaar- en beroepsprocedure de juiste weg is. De stichting verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een besluit in bestuursrechtelijke zin. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De Centrale Raad van Beroep vernietigt het besluit van 21 april 2011 omdat het ontbreken van een besluit bestuursrechtelijke bezwaarprocedure niet rechtvaardigt.
De Raad beoordeelt dat de gesprekken tussen appellante en de bovenschoolse manager H geen onrechtmatig handelen opleveren. H heeft appellante geïnformeerd over het negatieve sentiment binnen het team over haar geschiktheid, maar appellante heeft niet gesolliciteerd en bleef deelnemen aan overleg en benoemingsadviescommissie. Er is geen sprake van een feitelijk verbod om te solliciteren.
Het beroep van appellante tegen het besluit van 8 april 2013 wordt ongegrond verklaard. Wel wordt de stichting veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak benadrukt het belang van juiste procedurele wegen en bevestigt dat het handelen van de stichting niet onrechtmatig was.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 8 april 2013 wordt ongegrond verklaard en het besluit van 21 april 2011 wordt vernietigd.