ECLI:NL:CRVB:2014:2768
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- M. Hillen
- A.M. Overbeeke
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ingangsdatum bijstandsverlening en weigering aanvraag
Appellant heeft beroep ingesteld tegen de vastgestelde ingangsdatum van de bijstand, die door het college is vastgesteld op 29 maart 2012. Het geschil spitst zich toe op de vraag of appellant zich eerder dan deze datum bij het college heeft gemeld om bijstand aan te vragen.
De rechtbank had reeds geoordeeld dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij zich vóór 29 maart 2012 heeft gemeld. De Raad bevestigt dit oordeel, stellende dat de overgelegde handgeschreven notitie niet voldoet aan de vereisten van artikel 44, tweede lid, WWB, omdat deze niet gedateerd is en geen registratie van naam, adres en woonplaats bevat. Ook de brief van 7 februari 2012 kan niet als melding worden aangemerkt.
De Raad oordeelt dat het verzoek om schadevergoeding wegens te late betaling van bijstand niet toewijsbaar is. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De ingangsdatum van de bijstand wordt bevestigd op 29 maart 2012 en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.