ECLI:NL:CRVB:2014:311
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- J.F. Bandringa
- E.C.R. Schut
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens weigering pré-opstapbaan zonder sprake van dwangarbeid
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Na een bedrijfsartsrapport en begeleidingstraject werd appellant een pré-opstapbaan aangeboden om werkervaring en arbeidsritme op te doen. Appellant weigerde het contract te tekenen, omdat hij zich medisch niet in staat achtte te werken.
Het college verlaagde daarop de bijstand met 50% voor twee maanden wegens onvoldoende medewerking. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat het college terecht de pré-opstapbaan als passende voorziening aanmerkte en dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat de werkzaamheden hem medisch te boven gingen. Ook is geen sprake van dwangarbeid in de zin van het EVRM. De verlaging van de bijstand is daarmee rechtmatig.
De Raad benadrukt dat het college maatwerk moet leveren en een zorgvuldige afweging moet maken, wat hier is gebeurd. De opgelegde sanctie is in overeenstemming met de Maatregelverordening van de gemeente Arnhem.
Het hoger beroep wordt afgewezen en de verlaging van de bijstand gehandhaafd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 50% voor twee maanden wegens weigering van de pré-opstapbaan wordt bevestigd.