ECLI:NL:CRVB:2014:3283
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongewijzigde voortzetting WGA-uitkering ondanks medische klachten
Appellante is sinds april 2008 arbeidsongeschikt vanwege klachten aan haar linker schouder en heeft een WGA-uitkering ontvangen op basis van 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid. Na herbeoordelingen stelde het UWV dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt was, maar de uitkering werd ongewijzigd voortgezet op grond van de uitlooptermijn van de Wet WIA.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen het besluit van het UWV gegrond, vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen intact en oordeelde dat de medische en arbeidskundige beoordeling voldoende was gemotiveerd. Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij door diverse gezondheidsklachten, waaronder vitamine B12-tekort, fibromyalgie, COPD, artrose en diabetes, meer beperkt is dan aangenomen en de aangeduide functies niet kan vervullen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de medische en arbeidskundige grondslag van het besluit deugdelijk is en onderschrijft de overwegingen van de rechtbank. Nieuwe medische gegevens uit 2014 kunnen geen rol spelen in de beoordeling van de situatie per 20 maart 2012. Het hoger beroep faalt en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt afgewezen en de ongewijzigde voortzetting van de WGA-uitkering bevestigd.