Uitspraak
OVERWEGINGEN
.
Centrale Raad van Beroep
Appellanten, werkzaam als docenten rijvaardigheid bij de politie, verzochten om functieonderhoud omdat zij meenden dat hun feitelijk opgedragen werkzaamheden wezenlijk afwijken van hun functiebeschrijving. Zij verwezen naar het ontwikkelen van specialistische maatwerkopleidingen en aanvullende taken zoals het maken van voorlichtingsfilms en het aanleren van arrestatievaardigheden.
De korpschef stelde dat deze werkzaamheden een uitbreiding zijn op de landelijk vastgestelde basisrijopleiding en dat het om ondersteunende taken gaat die binnen de functiebeschrijving passen. De rechtbank had de beroepen tegen de afwijzing van de functieonderhoudsaanvragen ongegrond verklaard.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellanten niet aannemelijk hebben gemaakt dat zij een volledig nieuwe opleiding ontwikkelen. De werkzaamheden zijn maatwerk binnen het vakgebied rijvaardigheid en vallen binnen de functietypering. Ook het meeromvattende vakgebied dat appellanten aanvoeren, wordt niet erkend omdat het niet meerdere vakgebieden betreft.
Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van functieonderhoud omdat de werkzaamheden niet wezenlijk afwijken van de functiebeschrijving.