ECLI:NL:CRVB:2014:3385
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen informatieve mededeling over gesprek Dienst Werk en Inkomen
Appellant ontvangt bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en kreeg op 26 juni 2012 een besluit waarin tijdelijk ontheffing werd verleend van arbeidsverplichtingen. In dat besluit stond tevens een mededeling dat de Dienst Werk en Inkomen ten minste eenmaal per jaar met appellant wil bespreken hoe het met hem gaat.
Appellant maakte bezwaar tegen deze mededeling, stellende dat deze wel rechtsgevolg heeft en dat hij op grond van de rechtsmiddelenclausule mocht vertrouwen op bezwaarrecht. Het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de mededeling informatief van aard is en geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht vormt.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze niet-ontvankelijkverklaring ongegrond. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad oordeelt dat de mededeling geen rechtsgevolg heeft en dat het college het bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard. De rechtsmiddelenclausule ziet op de ontheffing van arbeidsverplichtingen en niet op de informatieve mededeling.
Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de informatieve mededeling is terecht niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.