ECLI:NL:CRVB:2014:3507
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. de Mooij
- G. van Zeben-de Vries
- D.S. de Vries
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging terugvordering studiefinanciering wegens onvoldoende bewijs woonadres
De zaak betreft een hoger beroep van de Minister van Onderwijs tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland die een besluit tot herziening en terugvordering van studiefinanciering vernietigde. Betrokkene werd door de minister als thuiswonend aangemerkt, wat leidde tot een terugvordering van €1.905,40. De rechtbank oordeelde dat het huisbezoek en het proces-verbaal onvoldoende bewijs boden dat betrokkene niet op haar GBA-adres woonde.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft deze conclusie en voegt toe dat ook een in hoger beroep overgelegde verklaring van een derde niet overtuigend is. De verklaringen van buurtbewoners en de hoeveelheid post gericht aan betrokkene op het GBA-adres ondersteunen het standpunt dat zij daar woonde.
Het hoger beroep van de minister wordt verworpen en de rechtbankuitspraak bevestigd. De minister wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt verworpen en de vernietiging van het bestreden besluit bevestigd.