ECLI:NL:CRVB:2014:4170
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV wegens onontvankelijkheid bezwaar onterecht verklaard
Appellante maakte bezwaar tegen een besluit van het UWV van 24 augustus 2012 waarin werd vastgesteld dat zij geen recht had op een WIA-uitkering. Het bezwaar werd door het UWV niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat zij het besluit niet tijdig had ontvangen en dat de termijn voor bezwaar daarom later begon te lopen.
De Raad oordeelde dat het UWV niet aannemelijk had gemaakt dat het besluit op 24 augustus 2012 daadwerkelijk was verzonden, omdat het elektronische archief dit niet bevestigde en geen bewijs van verzending was geleverd. Hierdoor begon de termijn voor bezwaar pas op 19 september 2012, de datum waarop appellante het besluit daadwerkelijk ontving.
Omdat het bezwaar op 25 oktober 2012 door het UWV werd ontvangen, was het tijdig ingediend. De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en droeg het UWV op een nieuwe beslissing te nemen op het bezwaar. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Het bezwaar van appellante is tijdig ingediend, het UWV heeft het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard en moet een nieuwe beslissing nemen.