ECLI:NL:CRVB:2014:4203
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid na medisch onderzoek
Appellante ontving sinds 1996 een WAO-uitkering, aanvankelijk gebaseerd op 80-100% arbeidsongeschiktheid, die in 2006 was herzien naar 15-25%. In 2009 meldde zij een toename van klachten door diabetes, astma en psychische aandoeningen. Na verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek stelde het UWV in 2012 de arbeidsongeschiktheid vast op 25-35%, met ingang van 27 september 2011.
Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, dat in november 2012 werd afgewezen. Het UWV wijzigde dit besluit in april 2013 en stelde de herziening met terugwerkende kracht vast vanaf 27 oktober 2009, gebaseerd op een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van februari 2012. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het bezwaarbesluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het gewijzigde besluit ongegrond.
In hoger beroep voerde appellante aan dat haar beperkingen groter waren dan door het UWV aangenomen, maar kon dit niet met objectiveerbare medische gegevens onderbouwen. De Raad volgde de rechtbank en het UWV in de beoordeling dat de medische gegevens en FML juist en zorgvuldig waren vastgesteld, en dat de geselecteerde functies passend waren. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de herziening van de WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid bevestigd.