ECLI:NL:CRVB:2014:4298
Centrale Raad van Beroep
- Eerste en enige aanleg
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- E.R. Eggeraat
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding reiskosten naar Amerika wegens ontbreken medische noodzaak
Appellante, van joodse afkomst en gelijkgesteld met vervolgde in de zin van de Wuv, verzocht meerdere malen om vergoeding van kosten voor driemaal per jaar reizen naar Amerika om haar zoon en kleinzoon te bezoeken. Deze verzoeken werden telkens afgewezen omdat geen medische noodzaak werd vastgesteld.
De Raad toetste het beleid van verweerder dat vergoeding voor extra vakantie alleen wordt toegekend bij medische noodzaak, zoals herstel na een operatieve ingreep of ter voorkoming van verergering van een causale aandoening. Medische adviezen van geneeskundig adviseurs bevestigden het ontbreken van een dergelijke noodzaak bij appellante.
Appellante voerde aan dat niet was onderzocht of artikel 21 van Pro de Wuv van toepassing was, maar de Raad oordeelde dat de toegekende tegemoetkoming deelname maatschappelijk verkeer (DMV) de aangewezen voorziening is voor haar reizen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van medische noodzaak voor vergoeding van reiskosten naar Amerika.