ECLI:NL:CRVB:2014:749
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.Th. Wolleswinkel
- J.J.A. Kooijman
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging salariskorting na ziekteverlof ondanks administratieve betermelding
Appellante was sinds 1985 in vaste dienst als lerares lichamelijke oefening en was sinds 1990 wegens ziekte ongeschikt voor haar functie. Na achttien maanden ziekteverlof werd haar salaris met 20% gekort op grond van artikel 4, eerste lid, van het tijdelijk Besluit ziekte en arbeidsongeschiktheid onderwijs- en onderzoekspersoneel (Bza).
Het college voerde een administratieve betermelding door, waarbij appellante als hersteld werd geregistreerd zonder feitelijke wijziging van haar situatie. Appellante verzocht daarop om terugkomen van de salariskorting met terugwerkende kracht, stellende dat de administratieve betermelding een aanstelling zonder werkverplichting impliceert.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de materiële situatie leidend is en niet de registratie, en dat de betermelding geen reden is om het kortingsbesluit te herzien. Tevens werd geoordeeld dat geen sprake was van een onvoorwaardelijke toezegging om de korting ongedaan te maken.
Het hoger beroep werd verworpen en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd. De Raad vond geen aanleiding voor een inhoudelijke toetsing van het bestreden besluit, omdat de aangevoerde feiten geen nieuwe of veranderde omstandigheden vormden.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de salariskorting na achttien maanden ziekteverlof terecht is toegepast ondanks administratieve betermelding.