ECLI:NL:CRVB:2014:750
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.Th. Wolleswinkel
- J.J.A. Kooijman
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugkomen aanstellingsbesluit en werktijdfactor ambtenaar onderwijs
Appellante was onderwijzeres met een aanstelling die meerdere keren in omvang werd gewijzigd. Zij stelde dat zij meer werk verrichtte dan haar aanstelling voorschreef en verzocht om compensatie. Het college kwam terug op een eerdere werktijdfactor voor de periode 1 augustus 1998 tot 1 augustus 2002 en compenseerde appellante voor de helft van het bedrag waarop zij recht had.
De rechtbank oordeelde dat het college het besluit voor die periode moest herzien en een nieuwe beslissing moest nemen. Appellante ging in hoger beroep en stelde dat de werktijdfactor vanaf 1990 te laag was vastgesteld en dat het college ook voor eerdere perioden moest terugkomen op besluiten.
De Raad overwoog dat alleen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden aanleiding geven tot inhoudelijke toetsing van eerdere besluiten. Appellante had geen nieuwe feiten aangevoerd en haar stellingen over discrepanties waren niet voldoende onderbouwd. Ook een vermeende toezegging van correctie voor eerdere perioden werd niet bewezen geacht.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank dat het college slechts voor de periode 1998-2002 hoefde terug te komen op het besluit en dat appellante niet tijdig had gevraagd om wettelijke rente of vergoeding van kosten. De zaak werd daarmee definitief afgesloten met een schikking van €1.500,- en intrekking van het beroep tegen het nieuwe besluit.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat het college slechts voor de periode 1998-2002 hoeft terug te komen op het aanstellingsbesluit en wijst volledige compensatie toe voor die periode.