ECLI:NL:CRVB:2014:893
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag. De Centrale Raad van Beroep heeft appellante meerdere malen gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €118,-, met duidelijke termijnen en waarschuwingen dat niet-betaling tot niet-ontvankelijkheid zou leiden.
Appellante heeft verzocht om betaling in termijnen vanwege haar financiële situatie, maar de Raad heeft aangegeven dat de Algemene wet bestuursrecht (Awb) dit niet toestaat. Wel is haar een ruimere termijn gegund. Ondanks deze coulance heeft appellante het griffierecht niet betaald en ook niet gereageerd op het verzoek om bijzondere bijstand aan te vragen bij het college van burgemeester en wethouders.
Gezien het uitblijven van betaling en het ontbreken van een geldige reden voor niet-betaling, oordeelt de Raad dat appellante in verzuim is. Het hoger beroep wordt daarom kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder inhoudelijke behandeling. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.