ECLI:NL:CRVB:2015:1254
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- C.H. Rombouts
- M. ter Brugge
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging intrekking bijstand wegens onvoldoende bewijs onjuiste woonsituatie
Betrokkene ontving vanaf mei 2012 bijstand als alleenstaande ouder. De gemeente Capelle aan den IJssel startte een onderzoek naar de rechtmatigheid van de bijstand na meldingen over het niet verschijnen bij gesprekken en waarnemingen dat betrokkene niet zichtbaar was op het uitkeringsadres.
Op basis van dit onderzoek trok de gemeente de bijstand per 1 mei 2013 in wegens onduidelijkheid over de woon- en leefsituatie van betrokkene. De rechtbank vernietigde dit besluit omdat onvoldoende feitelijke grondslag bestond voor de conclusie dat betrokkene niet op het uitkeringsadres woonde, en oordeelde dat de gemeente nader onderzoek had moeten verrichten.
In hoger beroep stelde de gemeente dat betrokkene geen hoofdverblijf had op het uitkeringsadres, onderbouwd met observaties, buurtonderzoek en het niet open doen bij huisbezoeken. De Raad oordeelde dat deze gegevens onvoldoende zijn om te concluderen dat betrokkene onjuiste informatie gaf over haar woonsituatie. Ook het gesprek op 23 mei 2013, waarin betrokkene informatie gaf, weerlegde de twijfel niet.
De Raad bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank dat de intrekking van de bijstand onterecht was. De gemeente werd veroordeeld in de proceskosten van betrokkene en het griffierecht werd opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand wordt vernietigd wegens onvoldoende feitelijke grondslag.