ECLI:NL:CRVB:2015:1282
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Y.J. Klik
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-naleving inlichtingenplicht
Appellante ontving bijstand op grond van de WWB sinds december 2008. Het college vermoedde dat zij meer inkomsten had uit het fokken en trimmen van honden dan opgegeven en startte een onderzoek, waarbij diverse instanties werden geraadpleegd en bankafschriften werden onderzocht. Op basis hiervan trok het college de bijstand met terugwerkende kracht in en vorderde de kosten terug.
De rechtbank stelde vast dat appellante niet aan haar inlichtingenplicht had voldaan, mede door wisselende, onjuiste en onvolledige verklaringen over haar inkomsten en activiteiten. Het college was daarom bevoegd de bijstand in te trekken en terug te vorderen. Appellante ging hiertegen in beroep, maar de Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank.
De Raad benadrukte dat het onderscheid tussen bedrijfsmatige en hobbymatige activiteiten niet relevant is voor de WWB; alle inkomsten moeten worden opgegeven. Ook mocht appellante de inkomsten niet verminderen met kosten. Omdat zij geen eenduidige en objectief verifieerbare verklaring kon geven, kon het recht op bijstand niet worden vastgesteld.
Verder was de aanvangsdatum van 1 april 2010 passend, ondanks dat appellante zich toen in een voorbereidende fase van een onderneming bevond. De Raad vond ook dat het teruggevorderde bedrag correct was berekend en dat appellante geen fouten had kunnen aanwijzen in de berekening.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van de bijstand wegens niet-naleving van de inlichtingenplicht.