Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk;
- veroordeelt het Uwv in de kosten van appellant tot een bedrag van € 1.960,-;
- bepaalt dat het Uwv het door appellant betaalde griffierecht van in totaal € 159,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellant had bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV en was in beroep gegaan bij de rechtbank Oost-Nederland. De Centrale Raad van Beroep deed op 21 januari 2015 een tussenuitspraak. Vervolgens nam het UWV op 6 maart 2015 een gewijzigde beslissing op bezwaar die volledig tegemoet kwam aan het bezwaar van appellant. Hierdoor was er geen inhoudelijk geschil meer tussen partijen.
Appellant verzocht de Raad om een oordeel over de proceskosten. De Raad besloot het onderzoek ter zitting achterwege te laten en sloot het onderzoek. Omdat het geschil feitelijk was opgelost, verklaarde de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang.
De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van de proceskosten van appellant, begroot op €980,- in beroep en €980,- in hoger beroep, totaal €1.960,-. Tevens werd het griffierecht van €159,- door het UWV vergoed. Deze uitspraak werd gedaan door B.M. van Dun op 6 mei 2015.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken procesbelang en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.