ECLI:NL:CRVB:2015:1687
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Vergoeding schade wegens overschrijding redelijke termijn in bestuurs- en rechterlijke fase
Verzoekster stelde beroep in tegen een besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad (Pur) inzake de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945. De procedure duurde vanaf het bezwaarschrift van 15 mei 2006 tot de uitspraak van 6 maart 2014 ruim zeven jaar, wat een aanzienlijke overschrijding van de redelijke termijn betekent.
De Raad stelde vast dat de overschrijding zowel in de bestuurlijke fase als in de rechterlijke fase heeft plaatsgevonden. De Pur erkende de overschrijding in de bezwaarfase, maar wees op vertragingen die niet aan haar waren toe te rekenen, zoals het verkrijgen van motivering en de gezondheidstoestand van de gemachtigde. De Raad rekende echter een periode van zes maanden vanwege ziekte van de gemachtigde aan verzoekster toe.
De totale overschrijding bedroeg vier jaar en tien maanden, waarvoor de Raad een schadevergoeding van €5.000 passend achtte. De Pur werd veroordeeld tot betaling van €2.500 en de Staat tot €3.000, inclusief een aanvullende vergoeding wegens de duur van de schadeprocedure. Tevens werden de proceskosten van verzoekster verdeeld tussen Staat en Pur.
Uitkomst: De Staat en de Pensioen- en Uitkeringsraad worden veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.