ECLI:NL:CRVB:2015:180
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tijdigheid besluit college over bezwaar bijzondere bijstand griffierechtkosten
Appellant vroeg bijzondere bijstand voor griffierechtkosten aan, welke door het college werd afgewezen. Appellant maakte bezwaar, dat met instemming werd aangehouden in afwachting van een proefproces bij de rechtbank over vergelijkbare zaken.
De rechtbank deed uitspraak in het proefproces op 10 mei 2012, waarna de beslistermijn weer begon te lopen. Appellant stelde het college vervolgens tweemaal in gebreke vanwege het niet tijdig beslissen op het bezwaar.
Het college besloot binnen twee weken na de tweede ingebrekestelling op 25 juni 2012, waarmee het tijdig handelde. Hoewel het college het besluit later introk en bijzondere bijstand alsnog toekende, was het eerdere besluit inhoudelijk en niet slechts een formaliteit.
De Raad oordeelt dat het college geen dwangsom heeft verbeurd en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Verzoeken tot schadevergoeding en proceskosten worden afgewezen.
Uitkomst: Het college heeft tijdig op het bezwaar beslist en geen dwangsom verbeurd; het hoger beroep wordt afgewezen.