Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
HD
DÉCISION
groupe d’assurés.
Centrale Raad van Beroep
Appellante, woonachtig in Marokko, verzocht om een nabestaandenuitkering en halfwezenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) na het overlijden van haar echtgenoot in februari 2012. De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees de aanvraag af omdat de echtgenoot niet verzekerd was voor de ANW, noch op grond van Marokkaanse wetgeving.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat de echtgenoot niet voldeed aan de verzekeringsvoorwaarden. Ook het verweer dat de echtgenoot niet geïnformeerd zou zijn over de mogelijkheid tot vrijwillige verzekering werd verworpen, waarbij de rechtbank stelde dat dit risico voor appellante en haar echtgenoot kwam.
In hoger beroep herhaalde appellante haar stellingen over het gebrek aan informatie en wees op haar moeilijke financiële situatie. De Centrale Raad van Beroep onderschreef echter de eerdere overwegingen, stelde dat de Svb de echtgenoot in 1999 had geïnformeerd via een algemene mailing en dat het niet begrijpen hiervan voor risico van appellante en haar echtgenoot kwam.
De Raad oordeelde dat de omstandigheden van appellante geen grond vormen om af te wijken van de dwingendrechtelijke bepalingen en bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de nabestaandenuitkering omdat de echtgenoot van appellante niet verzekerd was voor de ANW op het moment van overlijden.