ECLI:NL:CRVB:2015:2032
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens geschiktheid voor arbeid bevestigd
Appellant, werkzaam als veiligheidsmedewerker/brandwacht, ontving een Ziektewetuitkering wegens rugklachten, een chronische wond en psychische klachten. Het UWV beëindigde de uitkering per 5 maart 2013 na een medisch onderzoek door een verzekeringsarts die appellant geschikt achtte voor zijn werk.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant tegen deze beëindiging ongegrond, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de verzekeringsarts ook aanvullende medische gegevens had betrokken. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het onderzoek onvoldoende was en dat zijn klachten hem verhinderen zijn werk te verrichten, mede door onvoldoende hygiënische voorzieningen op de werkplek.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het onderzoek door de verzekeringsarts bezwaar en beroep zorgvuldig was en dat de nieuwe medische informatie van appellant geen twijfel zaaide over de juistheid van het UWV-standpunt. De Raad bevestigde dat appellant somatisch-medisch gezien geschikt was voor zijn werk en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering per 5 maart 2013 wegens geschiktheid voor arbeid.