ECLI:NL:CRVB:2015:2371
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J. Kraan
- J.J.A. Kooijman
- M.T. Boerlage
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag politiemedewerker wegens plichtsverzuim en integriteitsschending
Appellante was tijdelijk aangesteld als politiemedewerker bij de politieregio Brabant Zuid-Oost. Tijdens een strafrechtelijk onderzoek naar drugshandel werd haar partner als verdachte aangehouden na een huiszoeking in haar woning waarbij gestolen kleding werd gevonden. Appellante werd verdacht van heling en merkvervalsing en een disciplinair onderzoek werd ingesteld.
De korpschef legde appellante ontslag op wegens plichtsverzuim, omdat zij niet had gemeld dat zij vermoedde dat haar partner strafbare feiten pleegde in haar woning. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak. Hoewel niet alle beschuldigingen bewezen werden, was het niet melden van het vermoeden een ernstige schending van de integriteitseisen.
Appellante voerde aan dat de straf onevenredig was en dat de korpschef onvoldoende rekening had gehouden met haar persoonlijke omstandigheden. De Raad oordeelde dat appellante voldoende gelegenheid had gekregen om aan te tonen dat zij aan de integriteitseisen voldeed, maar dat zij naliet dit te bewijzen. Het ontslag was daarom niet onevenredig, ondanks de ingrijpende gevolgen voor appellante.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het ontslag van appellante wegens ernstig plichtsverzuim en integriteitsschending.