ECLI:NL:CRVB:2015:2441
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herplaatsing ambtenaar wegens onvoldoende geschiktheid bij reorganisatie
Appellant, sinds 1975 in dienst bij de organisatie 'Breed', werd in het kader van een reorganisatie herplaatsingskandidaat. Hij maakte belangstelling kenbaar voor de functies van commercieel manager en manager detachering, maar werd na een voortijdig afgebroken assessment en een negatief advies van de herplaatsingscommissie niet geplaatst.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant onder meer dat het besluit in strijd was met de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (Wgb/CZ). De Raad oordeelde dat dit beroep niet ontvankelijk was omdat appellant dit niet tijdig had ingebracht en het dagelijks bestuur zich hier niet op had kunnen voorbereiden.
De Raad overwoog dat het dagelijks bestuur een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij herplaatsing en dat het advies van de herplaatsingscommissie, dat appellant onvoldoende geschiktheid toonde voor de cruciale functies, redelijk was. De Raad bevestigde dat de Wgb/CZ niet van toepassing is op plaatsing binnen een bestaand dienstverband en dat geen sprake was van discriminatie op grond van handicap.
Het hoger beroep faalde en de uitspraak van de rechtbank werd bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant terecht niet is herplaatst vanwege onvoldoende geschiktheid en wijst het beroep op de Wet gelijke behandeling af.