ECLI:NL:CRVB:2015:2504
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Y.J. Klik
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens handel op bazaar
Appellant ontving sinds 2000 met onderbrekingen bijstand op grond van de WWB. Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht stelde een onderzoek in naar aanleiding van signalen over energie- en waterverbruik en een tip van de Belastingdienst dat appellant standplaatsen huurde op een bazaar en daar handelde.
Het onderzoek bestond uit het opvragen van informatie bij diverse instanties, buurtonderzoek, waarnemingen, een huisbezoek en een hoorzitting. De directeur van de bazaar verklaarde appellant te herkennen en bevestigde zijn inschrijving sinds 1999 onder een specifiek inschrijfnummer. Tijdens het huisbezoek werden handelswaren en tickets voor standplaatsen aangetroffen.
Het college besloot de bijstand over meerdere perioden in 2010-2013 in te trekken en terug te vorderen wegens het verrichten van handelsactiviteiten. Appellant betwistte de bevoegdheid tot onderzoek en ontkende zelf verantwoordelijk te zijn voor de inschrijving, maar kon dit niet aannemelijk maken. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat het college bevoegd was het onderzoek te verrichten, ook op basis van een tip van een andere overheidsinstantie. De feiten wezen voldoende op handel en het huren van standplaatsen door appellant. Zijn verweer dat een zoon de inschrijving zou kunnen hebben gedaan werd niet aannemelijk geacht. De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens handel op een bazaar.