ECLI:NL:CRVB:2015:254
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- O.L.H.W.I. Korte
- J.F. Bandringa
- E.C.R. Schut
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking AIO-aanvulling wegens bezit woning in Turkije boven vermogensgrens
Appellant ontving vanaf 1 juli 2010 een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO-aanvulling) op grond van de WWB. Na melding van een vakantie in Turkije en het verblijf in een woning die op zijn naam stond, heeft de Sociale verzekeringsbank (Svb) een onderzoek laten uitvoeren. Dit onderzoek bevestigde dat appellant eigenaar is van een woning in Turkije, getaxeerd op ongeveer €34.928, wat boven de vermogensgrens ligt.
De Svb trok daarop de AIO-aanvulling met terugwerkende kracht in en vorderde ten onrechte ontvangen bedragen terug. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep betwistte appellant het woningbezit en de waarde, maar de Raad oordeelde dat de Svb terecht uitging van de door appellant zelf verstrekte informatie en het onderzoek ter plaatse.
De Raad verwierp de bezwaren van appellant, waaronder het betoog dat het onderzoek niet op de juiste woning was gericht en dat de waarde lager zou zijn. De Raad bevestigde dat appellant gedurende de gehele periode over vermogen boven de grens beschikte en dus geen recht had op de AIO-aanvulling. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de AIO-aanvulling wordt bevestigd vanwege het bezit van een woning in Turkije boven de vermogensgrens.