ECLI:NL:CRVB:2015:2833
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J.P.M. Zeijen
- P.H. Banda
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering na zorgvuldige medische beoordeling
Appellante, werkzaam als schoonmaakster, meldde zich ziek wegens fysieke en psychische klachten. Het UWV stelde vast dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt was per 30 april 2013, waardoor geen recht op WIA-uitkering ontstond. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de beperkingen niet verder reikten dan vastgesteld.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat latere diagnoses en medische informatie een zwaardere beperking aantoonden, maar de Raad oordeelde dat deze informatie na de datum in geding was gesteld en geen invloed had op het oordeel over de functionele mogelijkheden op die datum. De verzekeringsarts had de beperkingen zorgvuldig vastgesteld en de arbeidsdeskundige had voldoende gemotiveerd waarom de geselecteerde functies passend waren.
De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en zag geen aanleiding tot toekenning van een WIA-uitkering of veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid per 30 april 2013.