ECLI:NL:CRVB:2015:3123
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging AOW-verzekeringsperiode en toeslag echtgenote na vertrek uit Nederland
Betrokkene was van september 2000 tot 20 oktober 2003 verzekerd voor de AOW op grond van ingezetenschap en werkte in Nederland. Na vertrek naar Portugal in oktober 2003 was hij niet langer verzekerd voor de AOW via het KB 746. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) kende betrokkene een AOW-pensioen toe met korting voor de niet-verzekerde periode.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van betrokkene tegen de korting ongegrond. Betrokkene voerde in hoger beroep aan dat hij financieel moeilijk rond kon komen vanwege het geringe pensioen en verwees naar een arbeidsongeschiktheid.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de Svb terecht de verzekeringsperiode heeft vastgesteld en dat de bepalingen van de AOW dwingendrechtelijk zijn, waardoor geen afwijking mogelijk is. De toeslag voor de echtgenote is eveneens correct toegekend. Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.