Uitspraak
OVERWEGINGEN
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep tegen het besluit van 6 augustus 2012 ongegrond.
Centrale Raad van Beroep
Het Zorginstituut heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam die het beroep van betrokkene tegen de buitenlandbijdrage over 2009 gegrond verklaarde. Betrokkene woont in Frankrijk en ontvangt pensioen, waarbij op grond van de Zorgverzekeringswet een buitenlandbijdrage is vastgesteld. De rechtbank oordeelde dat het Zorginstituut ten onrechte was uitgegaan van een jaarinkomen van €142.325 in plaats van €134.983, vastgesteld door de Belastingdienst.
Het Zorginstituut stelde dat voor de berekening van de buitenlandbijdrage de maximuminkomens van €32.369 (Zvw-deel) en €32.127 (AWBZ-deel) gelden, waardoor het verschil in jaarinkomen niet relevant is. De Raad bevestigt dat het Zorginstituut de bijdrage correct heeft berekend binnen de wettelijke maxima en dat het aan de inspecteur van de Belastingdienst is om het belastbaar loon vast te stellen.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van het Zorginstituut ongegrond. Betrokkene kan zich wenden tot de inspecteur voor een nadere vaststelling van het inkomen. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van het Zorginstituut wordt gegrond verklaard en het beroep van betrokkene tegen de buitenlandbijdrage over 2009 wordt ongegrond verklaard.