ECLI:NL:CRVB:2015:3302
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen recht op bijstand met terugwerkende kracht wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellant vroeg bijstand aan met een gewenste ingangsdatum van 1 augustus 2012, maar meldde zich pas op 24 oktober 2012 officieel bij het UWV Werkbedrijf. Het college kende bijstand toe vanaf 2 november 2012, later aangepast naar 24 oktober 2012. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit in hoger beroep.
De Raad overwoog dat bijstand in principe wordt toegekend vanaf de datum van melding of aanvraag, tenzij bijzondere omstandigheden dit anders rechtvaardigen. Appellant stelde dat hij foutieve informatie van een gemeentelijke ambtenaar had ontvangen, waardoor hij zich niet eerder kon melden. De Raad vond dit niet aannemelijk, mede omdat appellant geen overtuigende verklaring gaf voor het late melden en de rechtbank zijn stellingen hierover terecht onvoldoende achtte.
Daarom concludeerde de Raad dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig waren die bijstand met terugwerkende kracht rechtvaardigen, en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de bijstand wordt niet met terugwerkende kracht toegekend.