ECLI:NL:CRVB:2015:3310
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Ch. van Voorst
- P.H. Banda
- Rechtspraak.nl
Herroeping beëindiging Wajong-uitkering wegens verblijf op Bonaire
Appellante ontving sinds 1999 een Wajong-uitkering vanwege psychische klachten. In juli 2013 verzocht zij het Uwv om met behoud van haar uitkering op Bonaire te mogen verblijven, waar zij sinds juni 2013 met haar kinderen was. Het Uwv beëindigde de uitkering per 1 juli 2013 omdat appellante buiten Nederland woonde, en wees het bezwaar af. De rechtbank bevestigde dit oordeel en oordeelde dat Bonaire onder 'buiten Nederland' valt en dat appellante haar woonplaats had verplaatst.
In hoger beroep stelde appellante dat zij aanvankelijk alleen voor vakantie naar Bonaire ging en dat haar intentie om daar te blijven afhankelijk was van het behoud van haar uitkering. Zij stelde dat haar woning in Nederland om veiligheids- en financiële redenen was opgezegd en dat zij bij terugkeer bij haar moeder zou intrekken. De Raad beoordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat appellante vanaf juni 2013 niet meer in Nederland woonde, omdat zij nog geen duurzame band met Bonaire had en haar woonplaats niet definitief had verplaatst.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en herroept het besluit van 21 augustus 2013. Het Uwv werd veroordeeld in de proceskosten en het betaalde griffierecht werd aan appellante vergoed. De uitspraak bevestigt dat Bonaire onder 'buiten Nederland' valt voor de Wet Wajong, maar dat de feitelijke woonplaatsbeoordeling naar omstandigheden moet plaatsvinden.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep herroept het besluit tot beëindiging van de Wajong-uitkering omdat appellante in juni 2013 nog niet buiten Nederland woonde.