ECLI:NL:CRVB:2015:3342
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ingangsdatum en schadevergoeding bij weer betaalbaar stellen AOR-uitkering
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Sociale verzekeringsbank om de AOR-uitkering vanaf 1 mei 2010 weer betaalbaar te stellen, nadat deze was stopgezet vanwege een toekenning van een andere uitkering. De Raad oordeelt dat de ingangsdatum van het weer betaalbaar stellen van de AOR-uitkering terecht is vastgesteld op 1 mei 2010.
Verder verwerpt de Raad het verzoek van appellante om compensatie van de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet en een kostenvergoeding, omdat daarvoor geen wettelijke grondslag bestaat en het bezwaar niet leidt tot herroeping wegens onrechtmatigheid.
Tot slot oordeelt de Raad dat de redelijke termijn voor de bezwaar- en beroepsprocedure is overschreden en veroordeelt verweerder en de Staat tot een gezamenlijke schadevergoeding van €1.500,- aan appellante. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en schadevergoeding toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn.