ECLI:NL:CRVB:2015:3577
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van WIA-uitkeringsbesluit bij arbeidsongeschiktheid van 55-65%
Appellant is sinds 20 juli 2005 arbeidsongeschikt wegens een burn-out en werkgerelateerde spanningsklachten. Het UWV stelde aanvankelijk dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt was, maar na herbeoordeling werd vastgesteld dat hij recht heeft op een WIA-uitkering gebaseerd op een arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65% per 2 november 2011.
De rechtbank Oost-Brabant vernietigde het bestreden besluit deels vanwege een actualisering van de voorbeeldfuncties die appellant kon verrichten, maar liet de rechtsgevolgen in stand. Appellant stelde in hoger beroep dat hij volledig arbeidsongeschikt was en dat de belasting van de voorbeeldfuncties ontoelaatbaar was gerelativeerd.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat er geen aanleiding was om te twijfelen aan de vastgestelde beperkingen. De arbeidsdeskundige motiveerde overtuigend waarom de geselecteerde voorbeeldfuncties ondanks mogelijke overschrijding van de belastbaarheid geschikt zijn. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit dat appellant recht heeft op een WIA-uitkering gebaseerd op een arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%.