ECLI:NL:CRVB:2015:359
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Buiten behandeling stellen aanvraag bijstand wegens niet tijdig aanleveren bankgegevens
Betrokkene diende op 18 oktober 2012 een aanvraag om bijstand in. Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag verzocht meerdere keren om aanvullende stukken, waaronder jaarstukken en bankafschriften. Bij besluit van 7 december 2012 stelde appellant de aanvraag buiten behandeling wegens het niet tijdig aanleveren van de gevraagde stukken.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en oordeelde dat de buitenbehandelingstelling niet evenredig was omdat de bankafschriften later waren ingediend en een gering negatief saldo vertoonden. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat bij een buitenbehandelingsbesluit geen rekening mag worden gehouden met stukken die na het besluit zijn ingediend, tenzij aannemelijk is dat betrokkene redelijkerwijs niet eerder kon aanleveren.
In dit geval was dat niet het geval. Daarom vernietigt de Raad het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot buiten behandeling stellen van de aanvraag bijstand wordt ongegrond verklaard.