ECLI:NL:CRVB:2007:BB5267
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid College tot buiten behandeling laten van bijstandsaanvraag wegens ontbreken bankafschriften
Appellant diende op 18 februari 2005 een aanvraag om bijstand in bij het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam. Het College verzocht appellant om nadere gegevens, waaronder bankafschriften van een specifieke periode, om de aanvraag te kunnen beoordelen. Appellant leverde niet alle gevraagde bankafschriften aan.
Het College stelde daarop de aanvraag buiten behandeling op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat appellant niet binnen de gestelde termijn de benodigde gegevens had aangeleverd. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij door detentie niet in staat was bankafschriften te verkrijgen, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De Raad oordeelde dat het College terecht gebruik heeft gemaakt van haar bevoegdheid om de aanvraag buiten behandeling te laten, omdat appellant voldoende tijd had om de gegevens te overleggen en geen verzoek tot termijnverlenging had gedaan. Bovendien zijn na het primaire besluit overgelegde gegevens in beginsel niet relevant voor de heroverweging. De aangevallen uitspraak van de rechtbank Amsterdam werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot buiten behandeling stellen van de bijstandsaanvraag wegens het niet overleggen van bankafschriften binnen de gestelde termijn.