ECLI:NL:CRVB:2015:3665
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten elektrisch fornuis en wasdroger
Appellanten dienden een aanvraag in voor bijzondere bijstand voor de kosten van een elektrisch fornuis en een wasdroger. Het college wees deze aanvraag af omdat de kosten al voldaan waren via een lening van een derde, waardoor feitelijk sprake was van een schuld volgens artikel 13, eerste lid en onder g, van de WWB.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, waarna appellanten in hoger beroep gingen. Zij stelden dat de lening niet als schuld moest worden gezien en dat zij ten tijde van de aanvraag niet over voldoende middelen beschikten.
De Raad oordeelde dat de kosten al voldaan waren en dat appellanten de bijzondere bijstand hadden aangevraagd om de lening af te lossen. Gezien het inkomen en vermogen van appellanten ten tijde van het ontstaan van de schuld, hadden zij voldoende middelen om in de noodzakelijke kosten te voorzien. Er waren geen zeer dringende redenen om hiervan af te wijken.
Daarom was het college terecht geweigerd bijzondere bijstand te verlenen. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er was geen aanleiding voor veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De aanvraag om bijzondere bijstand voor het elektrisch fornuis en de wasdroger wordt afgewezen omdat de kosten al voldaan zijn en appellanten voldoende middelen hadden.