ECLI:NL:CRVB:2015:3677
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot terugkomen op AOW-besluit wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant, geboren in 1930, heeft na jaren in Nederland gewoond te hebben, in Australië een AOW-pensioen aangevraagd dat met terugwerkende kracht werd toegekend. Een verzoek om verdere terugwerkende kracht werd op 30 maart 2011 afgewezen, en een nieuw verzoek om terug te komen op dat besluit werd eveneens afgewezen door de Sociale verzekeringsbank (Svb).
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de afwijzing van het terugkomverzoek ongegrond, omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die een heroverweging rechtvaardigden. Appellant stelde dat het Australische orgaan Centrelink op de hoogte was van zijn eerdere verblijf in Nederland, wat volgens hem een nieuw feit zou zijn.
De Raad oordeelt dat het besluit van 25 januari 2012 een inhoudelijke heroverweging van het eerdere besluit betreft en dat er geen sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden zoals bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht. De vermeende kennis van Centrelink was niet nieuw en kon appellant eerder bekend zijn geweest. Daarom bevestigt de Raad de uitspraak van de rechtbank en wijst het beroep af.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen op het AOW-besluit van 30 maart 2011 wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.