ECLI:NL:CRVB:2015:3678
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering AOW-verzekering op grond van KB 557 voor periode 1981-1983
Appellant betwistte het besluit van de Sociale verzekeringsbank (Svb) waarin hij niet verzekerd werd geacht voor de AOW over de periode van 16 januari 1981 tot en met 31 december 1983. De Svb baseerde dit op het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen van 19 oktober 1976 (KB 557), omdat appellant als gezinslid van een werknemer bij een volkenrechtelijke organisatie was uitgesloten van verzekering.
Appellant voerde aan dat de beleidsregel SB 1034, die een onderscheid ongedaan maakt dat in het latere KB 164 wordt gemaakt, ook op zijn situatie van toepassing zou moeten zijn op grond van het gelijkheidsbeginsel. De Raad oordeelde echter dat SB 1034 alleen ziet op KB 164 en niet op KB 557, en dat er geen sprake is van gelijke gevallen.
De Raad bevestigde dat de Svb het beleid op consistente wijze heeft toegepast door de beleidsregel niet met terugwerkende kracht toe te passen op KB 557. De beperking van terugwerkende kracht tot 1 januari 1989 is gerechtvaardigd omdat dit aansluit bij het standpunt van de regering ten tijde van KB 164. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd dan ook bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant niet verzekerd was voor de AOW in 1981-1983 en wijst het hoger beroep af.