ECLI:NL:CRVB:2015:3766
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- J.F. Bandringa
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand na opschorting wegens niet verschijnen op gesprek
Appellant ontving sinds 2007 bijstand op grond van de WWB. Naar aanleiding van een themacontrole startte de gemeente Eindhoven een onderzoek naar de rechtmatigheid van de bijstand. Appellant werd uitgenodigd voor gesprekken en verzocht gegevens te overleggen, maar verscheen niet op de afspraken zonder bericht van verhindering.
Het college schortte de bijstand op per 13 oktober 2011 wegens het niet verschijnen en nodigde appellant uit voor een nieuw gesprek op 1 november 2011. Toen appellant ook daarop niet verscheen en geen gegevens overlegde, trok het college de bijstand met terugwerkende kracht in per 13 oktober 2011. Appellant maakte bezwaar tegen deze intrekking, dat werd afgewezen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant ging in hoger beroep. De Raad oordeelde dat het college de bezorging van het opschortingsbesluit aannemelijk had gemaakt en dat appellant geacht wordt dit besluit met de uitnodiging te hebben ontvangen. De Raad vond dat het niet verschijnen en het niet overleggen van gegevens appellant kan worden verweten, ook al waren er twee gelijktijdige onderzoeken. De intrekking van de bijstand is daarmee rechtmatig en het hoger beroep wordt afgewezen.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand per 13 oktober 2011 wordt bevestigd omdat appellant niet is verschenen op het gesprek en dit hem kan worden verweten.