ECLI:NL:CRVB:2015:4038
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft zich ziek gemeld met rug- en nekklachten en verzocht om een WIA-uitkering. Het UWV wees dit verzoek af omdat appellant op de peildatum minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat de medische onderbouwing van het besluit deugdelijk was en de functies die appellant kon vervullen passend waren.
In hoger beroep voerde appellant aan dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn medische beperkingen, waaronder tinnitus en beperkingen bij het besturen van een hefwagen en een bestelauto. Het UWV stelde dat de belastingen binnen de belastbaarheid van appellant bleven en dat er geen medisch objectiveerbare beperkingen waren vastgesteld die de geschiktheid van de functies in gevaar brachten.
De Raad concludeert dat het bestreden besluit op een deugdelijke medische grondslag berust. De klachten van appellant, waaronder tinnitus en concentratieproblemen, leiden niet tot objectief vastgestelde beperkingen die het oordeel over de geschiktheid van de functies veranderen. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens geweigerd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering van de WIA-uitkering wordt bevestigd.