Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- veroordeelt het Uwv in de proceskosten van betrokkene tot een bedrag van € 980 -;
- bepaalt dat het Uwv griffierecht in hoger beroep betaalt ten bedrage van € 478,-
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene viel in 2007 uit wegens een ernstig auto-ongeval en ontwikkelde psychiatrische klachten, waarna hem in 2008 een WIA-uitkering werd toegekend. Het UWV trok deze uitkering in 2011 met terugwerkende kracht in, stellende dat betrokkene zijn medische toestand onjuist had voorgesteld, en vorderde onverschuldigde tegemoetkomingen terug.
De rechtbank vernietigde dit besluit en oordeelde dat het UWV onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat betrokkene bewust onjuiste informatie had verstrekt. Dit oordeel werd ondersteund door rapporten van de behandelend psychiater en een neuropsycholoog, die ernstige psychiatrische problematiek vaststelden, in tegenstelling tot de bevindingen van de verzekeringsarts.
In hoger beroep handhaafde de Centrale Raad deze conclusie. De Raad benadrukte dat intrekking met terugwerkende kracht in strijd kan zijn met het rechtszekerheidsbeginsel, tenzij onjuiste informatie door de betrokkene aannemelijk is gemaakt. Omdat het UWV dit niet overtuigend kon aantonen, werd de intrekking en terugvordering bevestigd als onterecht. De Raad veroordeelde het UWV tevens tot betaling van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De Centrale Raad bevestigt dat het UWV onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat betrokkene ten onrechte een WIA-uitkering ontving, waardoor intrekking en terugvordering onterecht zijn.